Het is belangrijk om te projecteren wat u vertelt zodat er altijd iets op het scherm staat
5 January 2009
Veel luisteraars – deelnemers aan seminars en congressen – zijn gewend om een verhaal van een spreker te horen terwijl er continu iets op het scherm staat, al is dat meestal tekst. U kunt zich afvragen of deze gewoonte werkelijk functioneel is, en of er misschien een betere oplossing is.
Luisteraar … of lezer
U zou makkelijk de indruk kunnen krijgen dat veel sprekers eerder lezers in de zaal willen hebben dan luisteraars. Hectaren tekst op het scherm, een woordstroom van de spreker, terwijl het allemaal staat in de handout die voor u ligt.
Onthoud voor uzelf dat wanneer u effectief wilt presenteren, dan bent ú degene die het verhaal ‘verkoopt’. Een luisteraar ‘koopt’ nooit van het scherm. Wat betreft de presentatie: u doet tenslotte zaken met mensen, niet met bedrijven, computers of schermen!
Aandacht – waar het hoort
Op het moment dat u iets nieuws projecteert, gaat de aandacht van de luisteraar naar het scherm. Het scherm trekt alt¡jd de aandacht.
De enige kleine uitzondering is dat luisteraars die zogenaamd auditief ingesteld zijn (zo’n 5-20% van uw luisteraars – tenzij u voor een groep musici presenteert!), beter kunnen concentreren op uw stem en dus minder afgeleid zijn door het beeld. Uw taak is om de aandacht zo veel mogelijk bij u te houden. Het ligt aan u om met uw stem de woorden tot leven te brengen.
Wat te projecteren
U weet nu dat de aandacht bij u hoort te zijn. Wat is dan het nut van het scherm? Velen denken dat wat u projecteert, het verhaal moet vertellen. Als uw luisteraar het verhaal vanaf het scherm (of vanuit de handout) kan volgen, bent ú als spreker overbodig.
U vertelt het verhaal, en wat u kiest te projecteren dient de overdracht van uw boodschap (die ene essentiële conclusie die de luisteraar uiteindelijk mag trekken) te ondersteunen.
Anders gezegd, het gaat niet om de feiten, maar om wat de luisteraar ermee kan doen.
‘Vertaal’ uw feitelijkheden in voordelen voor de luisteraar, invullingen van zijn behoeften, antwoorden op zijn vraag: ‘Wat kan ik ermee?’
Tekst is géén visueel hulpmiddel. Plaatjes, illustraties, cartoons, een ‘waaier’ van krantenkoppen, foto’s, schema’s – dit zijn de echte visuele hulpmiddelen.
Toegegeven, er is niets mis met een korte lijst van trefwoorden. Behalve als u dan alléén maar plaatjes met … lijsten van trefwoorden projecteert. En de hele lijst allemaal in één keer.
Zorg voor afwisseling, houd de spanning er in, en laat zien alleen wat u op dat moment kunt bespreken. U kunt eenvoudige technieken leren die u hiermee helpen. Hetzelfde geldt voor de juiste technieken van afdekken op de overheadprojector: een functionele dynamiek en perfecte timing die u ondersteunen om een professionele en zelfverzekerde indruk te maken.
Uitzondering
Wanneer mag u pertinent één keer tijdens een presentatie een ‘lap tekst’ projecteren? Wanneer het om een belangrijk wetsontwerp, stelling, ‘mission statement’ of een dergelijk blok woorden gaat. Dán mag u het in z’n geheel laten zien. Máár: zorg ervoor dat u het op de juiste wijze inleidt én dat u u weerhoudt om het voor te lezen.
Voorbeeld: ‘Nu is het voor jullie belangrijk om even stil te staan bij de ‘mission statement’ van de organisatie. Daarom krijgen jullie het in z’n geheel te zien. Neem even de tijd om het rustig voor jezelf te lezen. Sta stil bij de implicaties van de statement over kwaliteit, normen en doelen voor jouw afdeling en jouw verantwoordelijkheden.’
Afwisseling
Wat vindt u van NIETS op het scherm? Mag dat? Alle aandacht voor u als spreker, rust voor de ogen van de luisteraars, een heerlijk moment van visuele stilte …? Maar: zou u het durven doen?
Zo ontdekt u dat u het scherm als visueel blocnootje gebruikt, zodat u steeds kunt afkijken wat u nog te vertellen heeft.
Misvatting.
Wat u dan ook op het scherm zet, prikkelt deze uw gedachten!
De korte trefwoorden, de symbolen die u hanteert, het schema dat u tekent – dit zijn allemaal prikkels voor wat u verder kunt zeggen. En onthoud altijd: wat u weglaat uit uw presentatie, weet ú alleen.
Bouw dus meer afwisseling in, tussen trefwoorden en plaatjes, tussen iets op het scherm en niets op het scherm. U bent degene die het bepaalt … Durf eens af te wijken van de gewoonte!
