U bent geloofwaardig alleen wanneer u iets nieuws vertelt
Deze mythe heerst vooral in academische kringen waar sprekers deelnemen aan congressen om hun ‘nieuwtjes’ te openbaren. Hoe verteerbaar is dat allemaal, en is dat zo functioneel in de zakelijke wereld, laat staan op andere gebieden?
Verpakking
Wanneer u uw vakliteratuur leest, leest het redelijk makkelijk omdat u al zoveel herkent. U leest immers uw vakblad om op de hoogte te blijven van actualiteiten op uw vakgebied. Het leesgemak wordt bevorderd door de hoge mate van herkenbaarheid in de materie. Foto’s, ‘kadertjes’, advertenties van relevante aanbieders, het redactionele stuk en ingezonden brieven zijn maar enkele van de middelen die bijdragen aan uw leesvermaak.
Vergelijking: u pakt een willekeurig tijdschrift van een heel ander vakgebied dan uw eigen. U bent misschien nieuwsgierig, de foto’s zijn enigszins interessant, maar het jargon en de aannames in de teksten maken het voor u ondoorgrondelijk. U legt het tijdschrift snel neer!
Zo gaat het ook met de presentatie. Een ‘natte vinger’ cijfer van maximaal 30% ‘nieuwe’ informatie verpakt u in minimaal 70% ‘oude’, bekende informatie. De bewuste en onbewuste reacties onder uw luisteraars van ‘ja, dat ken ik’ helpen hen om de ‘aha, da’s nieuw’ te ‘verteren’.
Net als de foto’s en andere extraatjes het leesgemak bevorderen – stel voor dat het tijdschrift uitsluitend uit één blok tekst zou bestaan! – zo ook vormen uw visuele hulpmiddelen (plaatjes, foto’s, illustraties), citaten, anekdotes en interessante statistieken een waardevolle ‘verpakking’ van de leerzame kern van uw verhaal.
Afhaken
Stel, u bent verkoper van muziekinstrumenten. Net zoals u vrij snel een leerboek over kernfysica neer zou leggen – of het valt uit uw handen wanneer u begint te snurken! – zo haken uw luisteraars af wanneer zij u niet meer kunnen volgen.
Uw taak als spreker is om uw luisteraars mee te nemen in een wereld die ze herkennen, waarin ze de voorbeelden kunnen plaatsen en waarin ze antwoord krijgen op de vraag: ‘Waarom vertelt u mij dit?’ De luisteraars willen tenslotte iets doen met uw informatie. U als spreker bent gebaat bij de actie die ze ondernemen na afloop van uw presentatie.
Geloofwaardig
Een kernvraag is: ‘Bent u geloofwaardig alléén aan de hand van wat u zegt?’ In de academische wereld is een ‘ja’-antwoord snel te horen vanwege de nadruk op ‘inhoud’. Bij een grote presentatie in Noordwijkerhout was ik een van de sprekers, samen met prof. dr. Anne van der Meiden en enkele andere prof. dr.’s.
Verrassend voor Anne en mij, die beiden gepresenteerd hadden over hoe de communicatie werkelijk tot stand komt, was de stellige weigering van de heren geleerden om te geloven dat de nonverbale communicatie zo belangrijk is, laat staan dat het krachtiger is dan de woorden!
In de commercie is het al lang gemeengoed dat de woorden, hoewel belangrijk, van ondergeschikt belang zijn aan de nonverbale ‘verpakking’.
Wat blijkt uit onderzoek is dat er vijf groepen kenmerken zijn die bijdragen tot uw geloofwaardige uitstraling, waardoor de ander vertrouwen in u kan hebben.
Allereerst gaat het om wát u over uw onderwerp weet. Het zou funest zijn als de luisteraar het gevoel zou krijgen dat u ‘uit uw nek kletst’! In de zakenwereld gaat het om bijvoorbeeld kennis van uw producten en diensten, om die van de branchecollega’s, en de actualiteiten in en rondom uw branche. Voor academici lijkt het alsof het alléén om de kennis en feiten gaat. Lees verder om te zien hoe fnuikend dit kan zijn!
Het tweede gebied omhelst alles wat u met de kennis kunt doen. Het is de praktische toepassing van de feitelijkheden, in wezen ook een antwoord op de (onbewuste) vraag van de luisteraar: ‘Wat heb ik hieraan?’ Dit is het gebied van vergelijkingen, anekdotes uit de praktijk, bewijzen van uw expertise en uw ervaring.
Het derde gebied is de ‘dynamiek’: het volume en tempo van uw stem, de functionaliteit van uw gebaren, beweging in de beschikbare ruimte (in tegenstelling tot iemand die vanachter een catheder de zaal toespreekt), de expressie in uw mimiek, en de levendigheid van uw taalkeuze (toegankelijke, beeldende spreektaal … of deftige, plechtige, afstandelijke schrijftaal in lange volzinnen?).
Uiteraard als u alleen maar dynamisch bent, is dat gauw ‘té’. Daarom brengt het vierde kenmerk – ‘kalmte’ – het nodige evenwicht in uw presentatie. Bewegen (uw lichaam verplaatsen naar een andere plek om van daaruit uw verhaal te vertellen) afgewisseld met stilstaan terwijl u presenteert. Praten, én zwijgen. Gebaren, én rustig staan met de handen en armen in de neutrale houding langs uw lichaam.
Het laatste gebied beschrijft alles waardoor de ander u als aangenaam genoeg ervaart om naar u te willen luisteren. Want zo staat hij open om uw boodschap – de inhoud – te horen. ‘Extraversie’ is de warmte van uw blik, de rust en zelfverzekerdheid die u uitstraalt, de belangstelling die u toont voor de luisteraar en zijn wereld, de mate waarin u hem betrekt bij uw verhaal en interactie stimuleert, zodat u uiteindelijk mét hem in plaats van tégen hem praat.
Mens boven alles
U ziet uit deze analyse dat de hoeveelheid nieuwe informatie een ondergeschikte rol heeft in de effectieve presentatie. Zo’n presentatie nodigt uit tot meewerking, tot actie, tot de tevredenheid van de luisteraar. De menselijke factoren zoals begrepen onder ‘extraversie’ voeren de boventoon, want als die ontbreken, wordt het moeilijk voor u om uw doel te bereiken. Uw luisteraar op een ontspannen en menselijke manier te benaderen, en om hem en zijn behoefte centraal te houden, dat is nu een taak voor ú!